30 juni 2011

Mierenkolonie

Mierenkolonie gaat (dat moet ik even kwijt) niet over mieren. Meer over de stad, die op een mierenkolonie lijkt. Het speelt zich namelijk af in Londen. De gelijkenis met een mierenkolonie vind ik wel kloppen.
Maar nu terug naar het verhaal, en niet de voorkant. Het gaat, afwisselend per hoofdstuk, over Sam en Bo. Bo is een roodharig meisje van tien jaar. Ze gaat niet naar school, en haar moeder heeft een verslaving aan drugs en drank. Het klinkt zielig, maar Bo is niet anders gewend. Ze beseft pas wat een slecht leven ze heeft als ze Sam ontmoet. Sam is een plattelandsjongen van zeventien jaar oud. Hij loopt weg van huis omdat hij iets heel ergs heeft gedaan wat hij niet kan vertellen. Dat kom je later te weten, verder in het boek.
Sam en Bo (en haar moeder) komen te wonen in een rijtjeshuis in Londen, met verschillende appartementen. De beheerder is een man die in de kelder woont. Verder woont er een oude vrouw, Isabel, met een hondje en een man met een baard.
lk vond ik het boek 'wel leuk' maar het is toch niet het soort boek waar ik van houd. Het is misschien toch meer een jongensboek, ik weet niet.. Wacht, ik weet het woord: SAAI.

21 juni 2011

Een verschrikkelijke schoonheid

Laat ik even bij het begin beginnen. Het speelt zich af iets eerder dan nu, zo in de tijd van de papa's en de mama's. De hoofdpersoon is een meisje van zestien jaar. Ze heet Gemma en woont met haar familie in India. Ze heeft rode krullen, dus totaal niet Oosters. Haar moeder draagt altijd een ketting om haar nek, van een oog en een halve maan. Als er een rare man met een tulband iets tegen
Gemma's moeder fluistert, raakt ze helemaal in paniek. Om de een of andere reden wil Gemma's moeder van het amulet af, dus krijgt Gemma het amulet toegegooid. Gemma ziet een raar visioen. Wat kwam er ook al weer in voor: een schaduw, een man, een mes? Een paar uur later vind Gemma haar moeder. Dood.
Na de begrafenis neemt Gemma de trein naar Londen, naar haar broer. Hij studeert daar. Hij brengt Gemma naar een kostschool, een gevangenis lijkt het wel. Ze wordt er niet al te vriendelijk ontvangen en de meisjes zijn ook niet al te aardig. Ze halen grapjes met haar uit of zetten haar voor gek. Haar kamergenote, Anne, is de enige met wie Gemma een beetje kan opschieten. Gemma weet nog steeds niet wat de visioenen kunnen betekenen. Ze komen op verschillende momenten en verdwijnen weer net zo snel als ze komen. Ze moet het weten, uitzoeken. Hoe zit het met de dood van haar moeder? De visioenen? Het boek geeft je de antwoorden op die vragen.
Ik vond het boek erg mooi, en spannend. Je was niet iets waar je even doorheen moest komen, nee, je werd er ingezogen als een draaikolk. Dit boek verdient een prijs.

18 juni 2011

De Dievenbende van Scipio

Bo en Prosper zijn weggelopen van hun onvriendelijke tante Esther en wonen nu in een oude bioscoopzaal in Venetie. Die bioscoopzaal is hun schuilplaats, want Bo en Prosper horen bij de dievenbende van Scipio. Op een dag vraagt een onbekende man de dievenbende om iets te stelen. Een houten vleugel, die (volgens Scipio en zijn vrienden) niets waard is. Maar niets is minder waar: De houten vleugel blijkt onderdeel te zijn van het carrousel waarmee je jezelf ouder of jonger kan maken! Alleen, het loopt een beetje uit de hand.
Cornelia Funke schrijft zo dat je je heel goed in kan leven in de personages. Het verhaal zelf is ook erg leuk. Het is ook handig dat er achterin een lijst staat met alle Italiaanse woorden die in het boek gebruikt werden. Leer je er ook nog wat Italiaans bij!

Vossenjacht

Als Lisa naar de middelbare school gaat, hoort ze meteen bij het populaire groepje. Ze mag zelfs bij de redactie van de schoolkrant! Maar waarom gedraagt haar Turkse vriendin Esra zich zo vreemd? En waarom waarschuwen mensen haar voor haar nieuwe vrienden?
Op schoolkamp komt ze er achter dat er iets verschrikkelijks aan de gang is. Ze moet Esra beschermen, en snel. Maar ze is te laat. Wat zal er nu gebeuren?
Ik vond Vossenjacht een heel leuk boek. Langzaam aan ga je begrijpen dat wat de schoolkrantredactie doet, echt niet oke is. Het is soms ook erg spannend, en het is heel goed geschreven!

Alera

Alera is de dochter van een machtig koning. Hij heerst over Hytanica, een land met glooiende heuvels, rijke bossen en grote steden. Alera is zeventien jaar en op die leeftijd wordt van je verwacht dat je een huwelijkskandidaat uitzoekt. Haar vader heeft al een jongeman op het oog: Steldor. De zoon van een legercommandant, bezitter van veel geld en de goede eigenschappen om koning te kunnen worden. In deze tijd hadden de vrouwen nog niet veel te kiezen. Alera is het niet met haar vader eens over de keuze. Steldor gedraagt zich hooghartig en arrogant. Ze heeft het gevoel dat haar leven al helemaal uitgestippeld is. Totdat ze Narian ontmoet. Een knappe jongen van zestien jaar. Hij is afkomstig uit het vijandelijke rijk Cokyri. Ze leert van hem veel over dat land. Daar dragen de vrouwen broeken en hebben ze ook wat te zeggen. Ze leert zelfs van hem zwaardvechten. Er bloeit liefde tussen hen op. Dat kan Alera flink in de problemen brengen.
Een romantisch verhaal. Ik vind het betoverend mooi en zou natuurlijk het liefst alle delen willen lezen. Soms ergerde ik me aan Alera en haar zusje; ze kunnen zich vreselijk aanstellen. Maar dat is ook juist wel weer mooi, want ja, dat zou heel goed kunnen liggen aan hun opvoeding. Prinsessen worden wel verwend.
Wat mij opviel is dat Cayla Kluver, de schrijfster, nog maar veertien was toen ze dit boek schreef. Net zo oud als ik dus! Ze heeft echt een levendige fantasie en haar boek bewijst dat niet alleen 'oude mensen' veel succes kunnen hebben. Ik zou het haar vast niet na kunnen doen.

11 juni 2011

Robijnrood: Eindeloos Verliefd

Robijnrood is een humoristisch spannend boek. De hoofdrolspeelster (in ik-vorm) is zestienjarig meisje Gwen. Haar beste vriendin is Leslie, waarmee ze samen films kijkt en alles bespreekt. Ze woont samen met haar moeder, broertje en zusje in een groot huis in Londen. Zij wonen op de zolder, daaronder haar oudtante en oma en daaronder is de eetkamer, keuken en daar woont haar gemene tante Glenda en haar arrogante nichtje Charlotte. Haar vader is overleden toen ze zeven was. In de familie zit echter een verschrikkelijk gen: ze hebben de gave om van tijd naar tijd te kunnen springen. Iedereen dacht dat Charlotte het gen had, maar als Gwen voortdurend naar een andere tijd springt blijkt dat Charlotte het niet heeft, maar Gwen. Gwen moet een missie oplossen, samen met Gideon, een jongen die ook door de tijd kan reizen. Dit wordt een geweldig avontuur, maar het boek stopt als ze net op een spoor zijn. Dus hun missie is in het eerste boek nog niet opgelost.

Minpuntje: Het boek doet er zo lang over om te beginnen dat pas over de helft de hoofdlijn van het boek start.

De Zilveren Bliksem

Vanaf het eerste regel dacht ik dat ik het boek ergens van kende. Dat was waar, want deel 1 van dit boek (de rode halsketting) had ik al een keer geleend van de bieb. Dat vond ik een onwijs leuk boek, dus ik hoopte dat dit boek ook zo zou zijn. Het verhaal speelt zich af in Frankrijk, in de Franse revolutie. De hoofdpersonen zijn Yann, Sidonie, Lancolm en Graaf Kalliovski. Ik zal ze even kort beschrijven:

Yann Een jonge man in de 20. Hij is opgevoed door de dwerg Tetu en opgegroeid in een zigeunerskamp. Hij beheerst 'de draden van het licht', waarmee hij mensen op kan tillen, pijn kan doen en zelfs doden. Het is overigens een vriendelijke jongen, smoorverliefd op Sidonie.

Sidonie Een jonge vrouw, bijna 20. Ze is van adel en woont bij haar tante en oom (hoe dat gekomen is, lees je in het vorige deel) in Engeland. Ze is een doodgewoon meisje, maar door haar liefde voor Yann loopt zij ook gevaar.

Lancolm Een jonge man in de 20. De zoon van een agressieve slager en een moeder die tegen haar wil in met de slager getrouwd is. Ondanks zijn 'engelachtige' uitstraling heeft hij het karakter van zijn vader overgenomen. Hij houdt van mensen bang te maken of uit te schelden voor zijn lol, en als hij boos wordt vermoordt hij ook een mensje hier en daar.

Graaf Kalliovski Een oudere man. Hij woont onder de grond in ondergrondse kamers bekleed met botten, vers van de guillotine. Hij kan ook mensen optillen en pijn doen, maar met de draden van het duister. Hij achtervolgt Yann omdat hij de draden van het licht wil, hebberig als hij is. Hij heeft een grote wolfshond, Balthazar, een hellehond die steeds groter wordt bij elke misdaad van zijn baas.

Ik vond het een SUPER ENG boek, maar het loopt mooi af. Werkelijk, deze schrijfster heeft veel fantasie. Als je het boek leest voelt het net alsof je het verhaal van dichtbij meemaakt. Een fantastisch boek dus.